Twee verloren zonen (n.a.v. Lukas15)

Categorieën: 

De afgelopen tijd las ik het boek 'De vrijgevige God' van Tim Keller. Voor de inleiding die ik op 28 augustus mocht houden tijdens een toerustingsavond over gastvrijheid, heb ik dankbaar gebruik gemaakt van dit boek. Onze gemeente doet op 16 september mee aan de back-to-church-sunday, daarom heb ik in mijn inleiding ook een aantal keer naar dit initiatief verwezen. Onderstaand is de tekst van mijn inleiding weergegeven:

Back to church, terug naar de kerk, een prachtig initiatief waaruit een verlangen spreektt. Niet alleen een verlangen van mensen, maar ten diepste een verlangen van God Zelf. 1Tim2:4. Het is immers God, Die wil dat alle mensen zalig worden en tot kennis van de waarheid komen. Als dat ons doel is met dit initiatief, laat het dan maar snel 16 september zijn! Met een gebed in ons hart: Want terug naar de kerk is mooi, maar wat zien we ernaar uit dat mensen zich omkeren en terugkeren tot God!

Context

Lukas 15 bevat een krachtige inleiding: Al de tollenaars en zondaars kwamen bij Hem om Hem te horen. Het waren er niet zomaar een paar, er staat nadrukkelijk: “al de tollenaars en zondaars”. Blijkbaar had de boodschap van de Heere Jezus iets wat hen bijzonder aansprak. Iets wat ze nog nooit hadden gehoord en wat hen diep raakte. En daarbij was er een levensgroot verschil met alle anderen: Jezus bracht niet alleen een levensveranderende boodschap, Hij leefde het evangelie zelf. Diverse andere plaatsen in de evangeliën leveren ons daarvan het bewijs. Aan de kant gezet door velen, bewees Jezus het tegenovergestelde door Zich juist uit te strekken naar deze groep mensen.

En Jezus ging nog verder: Hij ontving hen en at met hen. Met elkaar eten was in die tijd (en ook nu nog in veel culturen) een bewijs van genegenheid, van hartelijke gastvrijheid. Samen maaltijd houden is meer dan even lunchen. Het is het leven delen, een teken van gemeenschap. Laten we elkaar aansporen om de Heiland hierin biddend te volgen. Laten we bidden om Zijn gastvrijheid, Zijn ogen, Zijn liefde en Zijn wil bij het uitnodigen van mensen uit onze omgeving.

Opvallend genoeg lees ik in de bijbel nauwelijks iets over de gemiddelde medeburger die afkeer had van de hoer, tollenaar en zondaar. Des temeer lees ik hoe er door de farizeeën en Schriftgeleerden over deze mensen werd gedacht, en hoe zij in het verlengde daarvan spraken over wat Jezus deed: Zij morden onder elkaar, omdat Jezus de zondaars ontving en met hen at. En pas daarna, nadat Lukas dit zo expliciet schrijft, spreekt Jezus 3 gelijkenissen uit. In de bijbel staat: Hij sprak tot hen. Tot hen… Ik hoor daarin 2 dingen, u en jij hopelijk ook: Een bemoediging en vermaning voor de zondaar, een vermaning en uitnodiging voor de farizeeër.

Allebei verloren

Graag wil ik 3 dingen opmerken over de Vader in relatie tot de oudste zoon, en vervolgens 3 over de Vader in relatie tot de jongste zoon. 2 zonen die, of u het gelooft of niet, allebei net zo verloren zijn. Er is dus niet 1, maar er zijn 2 verloren zonen. De Heere Jezus brengt niet alleen het verwoestend egocentrisme van de jongste zoon in beeld maar veroordeelt ook, in de krachtigste termen, het moralisme van de oudste zoon. Daarmee bewijst Hij dat zowel religieuze als onreligieuze mensen geestelijk verloren zijn.

De oudste zoon

1. Terwijl de oudste zoon elke dag dichtbij Vader was, was zijn hart ten diepste niet verenigd met Vader. In feite leefde hij een leven van slaafse gehoorzaamheid aan zijn Vader. Een vreugdeloos bestaan van hard werken om bij Vader in de gunst te blijven. Ondertussen verheft hij zich boven zijn broer. Als Vader hem vertelt dat zijn broer terug is gekomen, is hij daarover zelfs boos en gefrustreert. En wat doet hij: De oudste beriep zich op zijn rechten, gezien zijn staat van dienst en zijn onberispelijke leven.
2. Terwijl de oudste zoon nog buiten staat, is de jongste zoon al binnen, in de feestzaal bij Vader. Niet het wangedrag van de oudste zoon, maar zijn eigen gerechtigheid verhinderde hem om de feestzaal binnen te gaan. Hard gewerkt, nooit om een bokje gevraagd. Terwijl alles notabene al van hem was… Zo komt de oudste zoon in zijn woede zelfs nog tot grotere belediging van de Vader. Ondertussen weet hij ook nog een levendige beschrijving te geven van wat zijn broer allemaal uit had gespookt in dat verre land. Een ieder die zijn eigen hart heeft leren kennen, doet er hier het zwijgen toe. Want zeg nu zelf: Is het ook bij ons niet zo dat we ons oordeel vaak al klaar hebben? Over een ander die zondigt? Of in het verleden in zonde viel, soms al jaren geleden? Een keurig religieus leven, trouwe kerkganger, vies van de wereld misschien, maar ondertussen neerkijkend op die ander? Eigen gerechtigheid kan blijkbaar zover gaan, dat je als oudste zoon zelfs buiten blijft staan…
3. De oudste zoon gaat openlijk in tegen de keuze van de Vader. Hij misgunt zijn broer een plaats in de familie, en erger nog: Hij verwerpt daarmee de hartelijke liefde van zijn Vader voor hem en zijn broer. Hij heeft met zijn staat van dienst zonder enige twijfel recht op Vaders waardering en beloning, maar zijn broer…. Is ook dat niet iets wat in deze gelijkenis heel dichtbij komt? In hoe verre zijn wij het eens met de Heere Jezus? Hij die hoeren en tollenaars ontving? Mag God het op Zijn geheel eigen wijze doen en daarin zelfs de tollenaar en zondaar voor laten gaan?

Zonde

Voor bijna iedereen is de definitie van zonde het breken van een aantal regels of wetten. Maar in deze gelijkenis laat de Heere Jezus zien dat iemand met bijna niets op zijn morele kerfstok, precies zo geestelijk verloren kan zijn als de meest lichtzinnige en immorele mensen.

De jongste zoon

1. Voor de Vader was het een grote belediging dat de jongste zoon al voor Vaders dood zijn deel van de erfenis opeiste. Daarmee zei hij klip en klaar dat Vaders leven hem eigenlijk niets waard was en dat alles, ook de familiebezittingen, hem gestolen konden worden. En dat terwijl deze familiebezittingen in de tijd van de bijbel een veel diepere betekenis hadden. Denk maar eens aan de wijngaard van Naboth. Landerijen, door God aan de familie gegeven, werden door de jongste zoon schaamteloos te gelde gemaakt, het familiebezit in stukken gescheurd. De jongste zoon zegt daarmee: Ik bepaal mijn eigen koers, doe het op mijn manier. Vraagt ook dit niet een eerlijk in de spiegel kijken? Waaraan ontlenen wij ten diepste onze waarde en identiteit? Sturen en bepalen we zelf, of heeft Jezus het voor het zeggen in ons leven?
2. Niet het berouw of de gestalte van de jongste zoon gaf bij de Vader de doorslag of maakte het verschil. De Vader viel hem al om de hals en kuste hem, voordat hij ook maar 1 woord van zijn zorgvuldig overdachte belijdenis kon uitspreken. Dat is nu genade! God gaat met ieder mens een geheel eigen weg, maar 1 ding staat als een paal boven water: Gods genade is altijd onverdiend en maakt heel klein.
3. De jongste zoon kwam bij zijn Vader zoals hij was. Denk je eens in: Stinkend naar de varkens, in lompen gehuld, wordt de jongste zoon in ontfermende armen onthaald. Hier kan ik met mijn verstand niet bij en val ik stil. Nergens lezen we immers dat hij eerst andere kleding aan moet trekken of onder de douche moetvoordat zijn Vader hem omarmt. Dat bewijst dat elke zondaar, hoe bond hij het ook heeft gemaakt, bij God mag komen zoals hij is. Vervolgens… Hoeft niemand gelukkig te blijven zoals hij is. De jongste zoon krijgt, ja krijgt, immers andere kleding, een ring aan zijn vinger, schoenen aan zijn voeten. Aan alles is te zien dat zijn leven niet meer is zoals het was. Maar let wel: De jongste zoon trekt zelf geen andere kleren aan, die worden hem aangetrokken. Verootmoedigend vind ik dat! Bekering en geloof zijn geen kwestie van opgestroopte mouwen en er vol voor gaan. Dat u, jij en ik schone kleding nodig hebben bewijst hoe naakte zondaren overkleed moeten worden met Christus als Borg. Maar wie de kleren van gerechtigheid als een nieuwe jas krijgt aangetrokken, beseft dat het feest dan pas begint. Feest in het hart, en feest in de hemel over een zondaar die zich bekeert.

Conclusie

We kunnen er niet onderuit dat in ons allen zowel een vrome oudste, als losbandige jongste zoon schuil gaat. Vul voor u en jouzelf maar in in wie je je het meest herkent, misschien zijn ze het allebei wel. De gelijkenis leert ons dat beiden zich overgeven aan een zelfverlossingsproject, de 1 door zijn eigen weg te gaan, de ander door met hard te werken de Vader voor zich te winnen en daarmee naar zijn eigen hand te zetten.

Laten we beseffen dat juist oudste zoon-types bij wereldse mensen een diepe aversie op kunnen roepen. Laten we beseffen dat het moralistische oudstezoonschap net zo onder het oordeel ligt als de wellustigheid van het jongste­zoonschap.

Welkom

Oudste en jongste zonen moeten allebei blijkbaar net zo leven van genade. Jongste zonen die ondanks hun zonden hartelijk worden uitgenodigd om terug te keren. En oudste zonen tegen wie God zegt: Kind, alles wat van mij is, is van jou! Oudste en jongste zoon, allebei zondaar, allebei Jezus nodig. Mijn dierbare Heiland, in wie ik onuitputtelijke vreugde vind!

Reactie toevoegen